NL | EN
Deeldit
opFacebook
Deeldit
opTwitter

Dimitri's sprongkracht

Dimitri's sprongkracht

02-09-2013 | 14.13

Het is 8 februari 2013, een gure vrijdagavond. Ik loop met twee vrienden door de Amstelstraat op weg naar AIR. We zijn opgewonden, want naar deze nacht hebben we wekenlang uitgekeken. Dimitri draait back-to-back met Detroit-legende Derrick May, zijn ‘brother from another mother’. Dimitri en Derrick May, dan denk je aan ‘hand-in-glove’, ‘soulmates’, een ‘duo infernale’. We verwachten niets anders dan pure magie van deze house-iconen. Onze droom spat uiteen als we de geprinte, op de gevel geplakte mededeling zien: ‘Dimitri is ziek.’ WTF!? We voelen aan ons water dat onze held geen griepje heeft. Zelfs met 39 graden koorts zou hij zich vermoedelijk die booth in gesleept hebben. Want Dimitri en Derrick samen draaiend, dat is een buitenkans, niet in de laatste plaats voor henzelf. 
Eenmaal binnen zetten we ons over onze teleurstelling heen en verzoenen we ons met de gedachte dat dit een andere nacht wordt. Derrick draait solo, natuurlijk souverein als altijd, maar het is niet wat het had kunnen zijn. Tegen het einde van de set raak ik met hem in gesprek. ‘What’s wrong with Dimitri?’, vraag ik hem. Derrick verstart en antwoordt op ernstige toon: ‘I’m really, really worried about my friend.’ Dat is het moment waarop definitief tot me doordringt dat onze held niet zomaar ziek is.
 
Trouw meets RoXY
Zondagnacht 5 mei 2013. Trouw organiseert een benefietnacht, want het gaat inderdaad heel slecht met Dimitri. Een bacterie is zijn lijf binnengedrongen en heeft er uiteindelijk voor gezorgd dat zijn rechteronderbeen geamputeerd is. Slechts een kleine kring van intimi weet er het fijne van, en uit respect laten we de details van zijn ziekte op dat moment maar even voor wat ze zijn. Hij moet beter worden, en daar zal hij rust en al z’n kracht voor nodig hebben. Ondertussen is er de harde realiteit van opgedroogde reserves, gebrek aan inkomsten en een dreigende huisuitzetting. Dat kunnen we niet laten gebeuren. Binnen korte tijd is een groep mensen opgetrommeld die bereid is zonder vergoeding te draaien, drank te schenken, glazen te spoelen en jassen op te hangen. Achter de bar staan Trouw-directieleden Olaf Boswijk en Kim Tuin, maar ook voormalige crewleden van de RoXY, terwijl de geweldige line-up met onder anderen Joost van Bellen, Steve Rachmad, Serge, San Proper en Boris Werner al snel voor een hartverwarmend feestje zorgt. Ik hang beneden jassen op en zie een publiek aan me voorbijtrekken dat zich qua leeftijd niet verder uit elkaar had kunnen bevinden. Bekende koppen uit de RoXY, de vaste Trouw-garde: ze komen allemaal iets bijdragen. Iemand is zelfs helemaal uit Marbella overgevlogen, speciaal voor deze nacht. De opbrengst is gelukkig zo hoog, dat Dimitri in z’n huis kan blijven en zelfs een aangepaste (tweedehands) auto kan kopen. Onze held is geliefd.
 
Minus twintig kilo
Hoofddorp, een zomerse woensdagmiddag. Ik zit samen met Dimitri in zijn keurige achtertuin. Hij heeft het warm, want hij komt net terug van de sportschool waar hij elke dag, samen met dochter Selien, traint. Daarvoor moeten ze nog wel 25 minuten fietsen, zowel heen als terug. Maar het is het allemaal waard. Dimitri is zichtbaar afgevallen, naar eigen zeggen zo’n twintig kilo. “Het was echt nodig, zeker omdat blijkt dat ik nu ook een vaatpatiënt ben. De laatste stap is ophouden met roken, maar dat komt nog. Ik moet niet teveel in één keer willen.”
Directe aanleiding voor mijn bezoek is Dimitri’s allnighter op 7 september in Trouw. Ongelooflijk goed nieuws voor iedereen die hoopte hem ooit weer te zien draaien. Ooit. Want over zijn herstel deden allerlei verhalen de ronde. Velen betwijfelden of hij weer achter de decks zou opduiken. Maar Dimitri is terug, en hoe! Mentaal en fysiek misschien zelfs wel sterker dan hij in lange tijd is geweest. Van vermeende jichtaanval naar bloedvergiftiging naar amputatie in een periode van nog geen vier maanden: het was een nachtmerrie, maar hij is er niet aan onderdoor gegaan. “Ik heb zoveel steun gehad van de mensen dichtbij me. Zonder hen had ik het nooit gered. Selien, Jacqueline (Kleijn, red.) en m’n moeder waren er dag en nacht voor me. Ik heb veel van me af kunnen praten, maar het is in een betrekkelijk korte tijd allemaal wel erg heftig geweest. Ik lag in feite op de rand van de dood. De artsen hebben me gewaarschuwd voor een psychische terugslag. Daar moet ik mee dealen, of ik wil of niet.”
 
Prothesemaker in de booth
Dimitri toont me z’n rechterbeen. Hij lijkt geen gêne te voelen, en dat is mooi om te zien. Tijdens zijn revalidatie in Heliomare heeft hij zich moeten verdiepen in de wereld van de protheses. “Je hebt vier categorieën, K1 tot en met K4. Ik zei voor de grap nog ‘doe mij maar K3’, haha. Maar even serieus, K1 is de minst dynamische, voor oudjes die alleen nog een blokje om willen achter hun rollator, zeg maar, terwijl K4 voor sporters bedoeld is. Bladerunner, die Zuid-Afrikaanse atleet, heeft er dus zo één. Ik heb me daar in Wijk aan Zee sufgetraind om te laten zien dat mijn spieren sterk genoeg zijn voor die hoogste categorie. En nu heb ik ‘m.” Hij glimt van trots, en terecht. Ik slik een brok in m’n keel weg.
We hebben het over 7 september. Waarom die volle zes uur draaien, en niet gewoon na twee uur het stokje overdragen? Genoeg collega’s die dat met liefde van ‘m zouden overnemen en het publiek zou het helemaal begrijpen. “Ik wil dit zelf gewoon heel graag, ook om te laten zien dat ik me niet uit het veld laat slaan. Ik ben hier thuis al een tijdje aan het oefenen. Zie je die houten booth daar met die apparatuur? Die heeft een vriend voor me in elkaar getimmerd. Zo kan ik langzaam maar zeker wennen aan het staande draaien. En natuurlijk ben ik bezig met voorzorgsmaatregelen. Ik heb een ergokruk waar ik half op hang, zodat er niet teveel druk op de prothese komt. Er mogen namelijk geen blaren op m’n been komen, ik mag niets forceren. Bij mij in de booth staat straks trouwens m’n prothesemaker. Die kan ingrijpen als het nodig is. Dat is wel een fijn idee, dat juist hij achter me staat. We zijn inmiddels vrienden geworden, heel speciaal, ja.”
We hebben het over de tracks die hij 7 september in z’n set verwerkt. Ik suggereer Andi Müller’s mix van ‘Everything in its right place’ van Radiohead, een nummer dat Dimitri regelmatig heeft gedraaid. Hij glimlacht fijntjes. “Eén ding is in elk geval zeker: ik draai in korte broek. Dan heeft iedereen dat been maar gezien.” Ik slik weer een brok weg. Wat een held.
 
Tekst: Bonita van Lier