NL | EN
Deeldit
opFacebook
Deeldit
opTwitter

Hoe word je een bekende DJ?

Oneman

Hoe word je een bekende DJ?

11-09-2012 | 12.24

Er zijn drie manieren om een bekende DJ te worden.

1. http://www.youtube.com/watch?v=1n_E4sDewtM

2. Ga naar je slaapkamer en maak een hit. Met een klein beetje geluk doe je je boodschappen binnenkort duty free.

3. Ga naar je slaapkamer, mix platen en blijf daar jaren lang oefenen. Toegegeven, dit is de langste weg en je toekomst zal er niet altijd even rooskleurig uitzien. Als je eindelijk genoeg geld hebt gespaard voor draaitafels, kun je geen platen meer kopen zonder bij je moeder hoeven aan te kloppen voor zakgeld. Als je eindelijk ergens mag draaien, kent het publiek (je vriendinnetje & je broer) al je mixes omdat ze elke avond naar je moeten luisteren. En die soundcloud plays zijn  waarschijnlijk je zus die je schattig vindt en je dj-vrienden die je uitlachen. Maar hou vol! Met veel geduld, goede smaak en een klein beetje geluk zullen de donkere tijden over gaan. En dan zal ook jij shinen.

Oneman is het bewijs dat de derde weg loont. Hij heeft geen enkele productie op zijn naam en hoort toch bij de meest spannende en veelzijdige Engelse DJs, geflankeerd door Ben UFO, Jackmaster en Braiden. Na jarenlang platen in zijn slaapkamer te draaien belandde hij bij een pirate radio-zender en stapte snel over naar Rinse FM. Een paar jaar geleden, toen de echte heads nog niets van house wilden horen, was hij een van de eerste die dubstep én garage speelde, een stijl die hem bekend heeft gemaakt en die je nu overal hoort. Sindsdien is Oneman alleen maar groter geworden, ondertussen heeft hij zijn eigen platenlabel (501 Recordings), een avond in Londen (Standard Place) en sinds kort een Fabriclive CD. Bovendien is hij regelmatig in de Boiler Room te gast, waar hij platen draait van Burial tot Prince.

Als al dit je niet nieuwsgierig genoeg heeft gemaakt om hem op 14 september in Trouw te komen zien: Oneman is de enige die Punjabi MC kan draaien, zonder als een volslagen idioot over te komen.

Tekst: Arif Malawi